Jeroen de Krokodillenjager

27-08-2014 | Vangstverslagen | Roofvis | Schrijver: Ingmar Boersma
Het is eindelijk weer eens stralend mooi weer na dagen, ja zelfs weken van regen en slecht weer. Wat een geluk dat Jeroen en ik vandaag hebben gepland voor zijn visdag op snoek. Niet dat we met minder weer waren thuis gebleven, maar dit vist toch wel lekker moet ik zeggen.
 
We starten de dag lekker op tijd. Zoals wel vaker gezegd wordt: Zulk mooi weer schijnt niet echt snoekerig te zijn en dat vertel ik Jeroen ook van tevoren om de verwachtingen wat te matigen. “We zullen vast wel een visje vangen, maar wild wordt het niet denk ik”. Het echte inslaan voor de winter moet nog beginnen, alhoewel het water al een lekker stukje kouder geworden is. Als we na een paar uur vissen, kletsen en uitleg van mij over kunstaas etc. nog altijd geen vis hebben, word ik toch wat nerveus.
 

Forceren

Het kan niet zijn dat we straks met de nul van het water af gaan, dus besluit ik, na goedkeuring van Jeroen de tactiek aan te passen. Ik zet er een hengel bij met klein aas om dan tenminste wat baars en eventueel mooie baars en misschien wel een roofblei te pakken. En inderdaad. De altijd betrouwbare gestreepte rovers melden zich al snel. Ook niet in wilde aantallen en formaten, maar op de mij bekende stekken weet Jeroen er toch de nodige te bemachtigen. Zowaar, er komt ook een snoekje binnen boord. Niet super, maar een kleine 70 haalt hij wel. Pfffff, de nul is weg gepoetst.
 

Cliché

Inmiddels nadert het einde van onze visdag en de teller staat toch in aantallen al wel boven de tien. Jeroen hoor je niet klagen. “We hebben een pracht dag gehad, mooi weer en nog vis ook en het was gezellig. Bovendien heb ik een boel geleerd. Daar gaat vissen toch om nietwaar”. En zo is het maar net. Dat het bijna irritante cliché van dat moment nog erger moet worden weten we dan nog niet. Hoe vaak lees je niet van dagen waar de vangsten tegenvallen en waarop op het allerlaatst….. Juistja, daar moet ik altijd om glimlachen, maar toch, ze overkomen ook mij. We zijn alweer onderweg terug en het loopt tegen vijven als Jeroen ineens achterstevoren in de boot zit. “Ja, ja, ik heb er één”. “Prachtig, mooi”, zeg ik en draai bedaard de andere hengels binnen. Dan blijkt dat “die ene” in de tijd dat ik de hengels binnen draai nog altijd diep blijft. Vaak een teken dat het een lekker formaat is. Jeroen meldt dat hij geen lijn kan winnen en ik veronderstel dat hij gewoon door de slip heen staat te draaien. Even neem ik de hengel over en check e.e.a.. Hij heeft in zijn enthousiasme aan de slip moer van de reel gedraaid die nu zowat helemaal open staat. Ik draai hem dicht en overhandig de hengel weer. Da’s beter. Tijdens de dril geef ik aanwijzingen en gelukkig loopt verder alles goed. De vis komt in beeld en ja…… Het blijkt echt een bak van een snoek te zijn. Aan een niet eens zo grote plug, in dit geval een flanker van cormoran.
 

Volgende keer met de kieuwgreep, maar dit is echt een pracht vis!
Volgende keer met de kieuwgreep, maar dit is echt een pracht vis!
Krokodillenjager

De vis komt binnenboord en dan gebeuren er ineens een paar dingen tegelijk. Dat is nooit handig, zeker niet als de visser in kwestie niet heel ervaren is. Uiteindelijk loopt alles goed af, maar een naderend groepje plezierjachten dwingt ons aan de kant te gaan en tegelijk de vis te meten, te fotograferen en terug te zetten. Dat gaat zoals gezegd goed, echter Jeroen zit vlak naast de meetsticker en meet (zo blijkt achteraf) zijn vis verkeerd. Hij roept dat ‘ie 105 cm is en als de vis al lang en breed weer zwemt blijkt dat hij hem van de punt van de snuit tot de binnenkant van de “staartvork” heeft gemeten. Niet dus tot de uiterste punt van de staart. 105 is dus zeker te weinig, maar hoeveel er precies bij moet zullen we nooit weten. Maar wat geeft ‘t. Het is een bak, gelijk Jeroens grootste snoek ooit en wat wil je nog meer. Ik leg hem de kieuwgreep uit en geef hem de handschoen aan voor de zekerheid. Als hij de vis heft en ik de camera op til, zie ik dat hij in de consternatie de vis gewoon met twee handen vast houdt. Shit, er komt ook nog een jachtje voorbij. Snel afdrukken en ik neem de vis van hem over. Alles onder controle? Ja en even later schiet de vis naar de diepte. We geven elkaar de “high five” en keren meer dan tevreden huiswaarts. Of Jeroen nog eens terug komt om mee te vissen? Wat denk je zelf?
 

Deel deze pagina