Aandachtspunten bij het vangen van snoek

21-04-2014 | Artikelen | Roofvis | Schrijver: Johnny Schots
Op en langs het water kom je soms toestanden tegen waarbij men denkt “dit kan beter of anders”. Vandaar deze enkele zaken waarop ik de aandacht wil vestigen.
Zowel tijdens de dril van een snoek alsook na het landen ervan dienen bepaalde regels in acht te worden genomen. Deze zijn ook van toepassing op andere rovers wel te verstaan, maar toch in het bijzonder voor snoek.

Voorzichtig terugzetten
Voorzichtig terugzetten

 
  • G[3]ebruik liefst steeds een stalen onderlijntje, ook al vis je niet op snoek. Een snoek die met je kunstaas in z’n bek rondzwemt is meestal ten dode opgeschreven, hij sterft dan een langzame  hongerdood indien hij zich niet van je kunstaas kan ontdoen.
  • Dril niet te kort maar vooral niet te lang en dan zeker wanneer de water temperatuur boven de 24/25° komt, om de vis niet uit te putten. Uitdrillen ja … maar niet uitputten.
  • Vis die op grote diepte wordt gevangen niet te snel naar boven pompen in verband met het verschil in druk. Gezwollen zwemblaas en uitpuilende ogen zijn zichtbare tekens dat de vis te snel naar boven werd gehaald. Dit geld niet voor snoek die een open zwemblaas heeft en geen last heeft van drukverschillen.
  • Tracht bij de landing van de vis en dan zeker bij grote snoek, de vis ook met de andere hand ter hoogte van de buik te ondersteunen bij het toepassen van de kieuwgreep. Kan dit niet, gebruik dan zeker voor de grote snoeken een landingsnet (liefst in rubber). Vooral grote snoek kan nadelige gevolgen ondervinden wanneer hij enkel bij de kieuwen uit het water wordt genomen.
  • Kleine vissen die men niet wil meten of fotograferen kan men best in het water onthaken. Ook grote snoek die men met een schepnet land kan men best eerst onthaken (indien mogelijk) in het water alvorens ze op het meetlint te leggen en te fotograferen.
  • Bij het nemen van een foto moet men ten alle tijden vermijden de vis tegen het lichaam te laten aanleunen, om te beletten dat de beschermende slijmlaag van de vis aan je kleren blijft plakken. Dit is niet best voor je kleren maar zeker niet goed voor de vis die hierdoor zijn beschermlaag kwijt speelt en infecties kan oplopen. Til  grote snoek niet zomaar enkel bij de kieuwen op om een foto te nemen, dit kan net als bij het uit het water tillen grote schade veroorzaken.
  • Laat de foto sessie niet te lang duren, vooral in de warme maanden. Wanneer de snoek bloedadertjes begint te vertonen op zijn lichaam dan is de toestand al kritiek en dient hij snel terug het water in.
  • Meten van een vis kan best steeds op een propere en gladde ondergrond gebeuren, zowel in de boot als op het land. Leg daarom de snoek nooit zomaar op grind of andere ruwe ondergrond, maar ergens op nat gras bv. Best kan men een onthaak matje gebruiken dat men eerst even nat maakt voordat men de vis er op legt. Dit matje kan gewoon een stuk vijverfolie zijn dat men opgerold in een apart zakje mee kan nemen.
  • Wormen en parasieten die op de vis kunnen zitten kan men best laten waar ze zijn, de vis zal deze wel op een natuurlijke mannier kwijt raken. Wanneer men ze zou afwrijven dan neemt men automatisch een deel van de beschermende slijmlaag weg.
  • Tracht ten alle tijden te vermijden dat de vis uit je handen glijd en op de grond valt alsook dat de vis op grond ligt rond te spartelen, dit kan inwendige letsels veroorzaken.
  • Bij het onthaken opletten de snoek niet onnodig te beschadigen. Zitten de haken in de kieuwen of op moeilijk bereikbare plaatsen, knip de dreggen dan gewoon door. Kan men niet langs boven bij de dreg, dan kan men nog steeds via de kieuwen proberen de haken door te knippen. Zorg er dus steeds voor een goede kniptang bij te hebben naast je gewone onthaaktang.
  • Gooi de snoek na de vangst niet zomaar terug in het water maar neem de tijd om hem rustig terug te zetten. Ondersteun hem desnoods tot hij op eigen kracht weg wil zwemmen. De snoek langzaam heen en weer bewegen (vooruit - achteruit) om zuurstof door de kieuwen te laten stromen helpt niet. Wat wel helpt is de vis met de kop tegen de stroming in houden of tijdens het ondersteunen je vismaat vragen heel langzaam met de boot vooruit te varen, op die mannier stroomt er wel zuurstof door de kieuwen.
  • Blijf na het terug zetten van de snoek nog even ter plaatse om te zien of de snoek niet met de buik naar boven terug aan het oppervlak komt drijven. Indien wel vang hem terug op en herbegin met de vis te ondersteunen tot hij opnieuw uit eigen beweging wegzwemt.
Pak een snoek in de kieuwgreep
Pak een snoek in de kieuwgreep

 
Ziezo dit waren zo ongeveer de bijzonderste punten die men in het oog dient te houden bij de behandeling van een gevangen snoek.

 

Deel deze pagina