Snoeken als het water warm is

19-07-2016 | Artikelen | Roofvis | Schrijver: Ingmar Boersma
Dit artikel is eerder gepubliceerd in "Snoekerijen", het magazine van de Snoekstudiegroep nummer 118, juni 2014, verschenen op 30 mei 2014.


Het afgelopen jaar, 2013 dus, is bij de meesten van u waarschijnlijk niet blijven hangen als een jaar met een snikhete zomer. Toch is er een korte periode van behoorlijk warm weer en dus ook behoorlijk warm water geweest. In die tijd las ik in diverse vangstberichten op internet en Facebook beschrijvingen van vissers die watertemperaturen meldden van boven de 25 graden. Bot gezegd vraag ik me dan als snoekvisser en al helemaal als voorzitter van de Snoekstudiegroep, af wat je op dat moment nog snoek vissend op en aan het water doet. Met de zomer weer voor de deur wil ik het daarover dan ook even met u hebben.
 
Laat ik beginnen te vertellen dat ik natuurlijk ook niet roomser dan de Paus ben, ook ik vis in de zomer, maar met mijn kennis als visstandbeheerder in het achterhoofd en met mijn recente ervaring van het afgelopen jaar, ben ik inmiddels wel heel voorzichtig geworden. Ik ga even met u terug naar de voorbije zomer van 2013. Ik word gebeld door Daniël. We hebben al lang niet meer gevist samen en met zijn drukke leven moet hij altijd plannen. “Iboe, wel een beetje kort dag, maar heb je morgen tijd?” Nou, wel kort dag, maar het lukt mij en zodoende zitten we de volgende ochtend nog in het donker in zijn boot en varen de rivier op.
Vertrek vanaf de helling in alle vroegte
Vertrek vanaf de helling in alle vroegte
Het wordt weer warm vandaag, waarschijnlijk rond of net boven de 30 graden. We kennen de risico’s, maar praten het met elkaar goed door vroeg te gaan en af te spreken dat we om uiterlijk 11 uur weer van het water weg zijn. Is dat genoeg? We zullen zien. Om kort te gaan, ik vang die dag twee vissen. Een mooie van rond de 80 die zich niet laat meten en een dikke dame van exact een meter. De terugzet ceremonie loopt goed af, maar duurt wel een kleine tien minuten. Dit geeft ons te denken en baart ons zorgen. Die 11 uur halen we dus niet, maar goed. Hoe komt dat nou dat snoek zo’n problemen heeft in de zomer om weer op gang te komen?
Deze snoek van exact 1 meter ving ik vroeg in de ochtend van een warme zomerdag
Deze snoek van exact 1 meter ving ik vroeg in de ochtend van een warme zomerdag

 

Juist snoek

Voor alle vissen geldt dat ze bij warm weer een groter risico lopen als wij ze als sportvissers boven water halen. Hoe langer uit het water, hoe groter de kans op problemen doordat ze niet voldoende nat blijven. De ene vis is hiertegen beter bestand dan de andere. De meeste lezers weten dat wel, maar mij werd het extra duidelijk tijdens mijn jaren lange ervaring als visstandbeheerder. Dit doen we weliswaar in de winter, maar als je dàn al verschil ziet, is dat verschil in de zomer des te groter. Vissoorten als karper, zeelt, brasem en voorn hebben bijvoorbeeld veel minder te leiden van een afvissing met netten en/of elektro apparatuur dan baars en snoek. Vooral de snoek gaat altijd als eerste terug bij een bemonstering om hen zo kort mogelijk te belasten. Voeg daarbij de kennis van iedere snoekvisser die een vis terugzet. We weten allemaal dat we een snoek moeten “reanimeren”, weer helemaal op krachten laten komen dus. Met baars en snoekbaars werkt dat heel anders. Voeg daarbij de extra perikelen met warm weer en het plaatje is duidelijk. Een snoek is van nature een koud water liefhebber, met zijn groei optimum zo rond 19 – 20 graden. Bij hogere temperaturen, zeker boven de 25 graden, voelt een snoek zich niet zo lekker meer. Snoeken zijn dus vissen die zich qua lichamelijke conditie het beste thuis voelen in koudere wateren. Daarbij moet overigens worden opgemerkt dat ook ons land tot die koudere water gebieden wordt gerekend. Van specifiek de snoek is niet veel onderzoek bekend, maar bijvoorbeld over atlantische zalm, ook een “kouder water liefhebber”, bleek dat wanneer je hem bevist in water boven de 18 graden, het risico op problemen bij de vis exponentieel toeneemt (Thorstad et al. 2003). Ook voor Largemouth Bass is dit onderzocht en hier bleek hetzelfde (Wilde 1998). In Canada wordt bijvoorbeeld het vissen op zalm in bepaalde rivieren in het oosten van het land aan banden gelegd als de watertemperatuur te hoog wordt.
 

Zuurstof in de zomer

De meeste lezers kennen ongetwijfeld de belangrijkste reden waarom warm water voor met name snoek meer problemen oplevert. Toch nog maar even herhalen: In warmer water zit minder opgelost zuurstof en die zuurstof heeft vis nodig om te kunnen bestaan. De ene vis is de andere niet en vooral snoek kan minder goed tegen een lager zuurstofgehalte. Logisch dus dat zij het in warmer water moeilijker krijgen. Als je nu tijdens zo’n warme periode met warm water een snoek vangt en weer terugzet, verbruikt de vis door de inspanning tijdens de dril extra zuurstof. Het probleem wordt nog versterkt doordat de vis bij het weer op krachten komen juist extra zuurstof goed kan gebruiken. Dus als die zuurstof minder voorhanden is, snapt iedereen dat het lastig wordt. Er is minder zuurstof beschikbaar, terwijl de snoek die zuurstof bij het door ons vangen dus extra nodig heeft. Niet meer snoeken dus in de zomer? Mmmmmm, nou, lees eerst de rest van de tekst maar eens door, maar op voorhand kan ik al zeggen dat ik inderdaad in sommige gevallen wel pleit voor een “snoek stop”.
 

In de grote Zweedse meren zoals Möckeln (waterdiepte max 90 meter) wordt de watertemperatuur zelfs hoogzomer nooit echt te hoog
In de grote Zweedse meren zoals Möckeln (waterdiepte max 90 meter) wordt de watertemperatuur zelfs hoogzomer nooit echt te hoog
Verschil in watertypen

Nu is het zo dat het ene watertype niet gelijk is aan het andere. Een open deur, maar dat geldt ook voor het wel of niet verantwoord vissen op snoek in de zomer. Hoe dieper een water is, hoe minder snel het opwarmt en hoe kleiner dus de risico’s zijn voor de snoek. Bedenk wel dat de water temperaturen vrijwel altijd gemeten worden aan de oppervlakte. Ga maar na, je dieptemeter heeft zijn sensor direct bovenin het water en daarop lees je dus de temperatuur af. Een metertje dieper, kan het dus al heel anders liggen. Is een water dus diep genoeg, dan kan er meer ruimte ontstaan voor de snoek om op wat dieper en koeler water te herstellen. Ook (door)stroming speelt in dit verband natuurlijk een grote rol. Stromend water bevat ook meer zuurstof doordat het in beweging is en dus ook vaak koeler blijft. Hoe ondieper het water, hoe hoger dus het risico, zeker als dat ondiepere water ook nog eens stil staat. Polder- of stadswateren die vaak niet dieper dan maximaal twee meter zijn vormen dus een echt groot risico in de zomer.
Een sloot in de zomer, de hitte straalt er van af
Een sloot in de zomer, de hitte straalt er van af
Maar ja, we wonen in Nederland en in ons land is een water van 10, 15 meter diepte al heel wat. Uitgezonderd natuurlijk enkele zand- en grindgaten, maar ik praat nu even in zijn algemeenheid. Echt diep water zoals dat bijvoorbeeld in Schotland, Ierland of Scandinavië voorkomt, hebben wij eigenlijk niet. En dan is er nog de spronglaag die ontstaat in wat dieper water. Een spronglaag is een scheidingslijn tussen de warme boven laag van het water en het koudere water er onder. Die spronglaag kan door verschillende oorzaken ontstaan. Om te beginnen is het water natuurlijk warmer in de zomer en vooral bovenin warmt het vlotter op door de hogere lucht temperatuur. Verder is er doorgaans in de zomer minder harde wind en treedt er dus minder menging van de verschillende waterlagen op.
 

Effect op de snoek

Het vangen van een vis en dus ook het vangen van snoek heeft natuurlijk effect op de vis. Allereerst de dril. Deze leidt ertoe dat de stress bij de vis toeneemt. Het heeft physiologische effecten, o.a. een afname van het energie niveau (Wood 1991). Ook het uit het water halen van de vis heeft natuurlijk gevolgen, zeker als je dat niet vlot genoeg afhandelt. Uit onderzoek blijkt dat het zuurstofgehalte in de vis afneemt (Ferguson and Tufts 1992), klinkt logisch, maar het is dus ook daadwerkelijk bepaald. Tevens bleek dat een vis sneller herstelt naarmate je hem vlotter weer terug hebt gezet (Cooke et al. 2002b). Besef vervolgens ook goed dat de hier genoemde effecten recht evenredig toenemen naar mate de temperatuur van het water hoger is.
 

Even de temperatuur opnemen
Even de temperatuur opnemen
Wel of niet snoeken

De hamvraag blijft natuurlijk: Moeten we met warm weer nu wel of niet gaan snoeken? Ik ga daar natuurlijk niet over, maar kan wel zeggen hoe ik er zelf in zit. En dat is vrij rigoureus. In de maanden juli en augustus, doorgaans de warmste maanden, let ik heel goed op. Als het water boven zeg maar 22 graden komt, zul je mij niet meer op roofvis zien vissen. Op roofvis? Ja, precies. Je kunt immers nooit uitsluitend één vissoort vangen en ik wil gewoon niet het risico lopen dan een snoek te haken. Ik stel het nu wat zwart-wit, zo ligt het niet helemaal, want ook de luchttemperatuur speelt een rol. Natuurlijk ligt het op dieper of stromend water ook wat genuanceerder, want daar heeft de snoek de mogelijkheid om zich te herstellen in koeler water. Maar ja, blijft staan dat je hem dus wel eerst dat warmere water in dirigeert en hem vervolgens ook nog eens boven water haalt. Je zet de vis dan ook weer eerst in de bovenste waterlaag terug. Tijdens het reanimeren moet de vis dus in zuurstof armer water eerst weer op krachten komen. Wil jij het risico nemen dat hij dat kleine stukje naar dieper, koeler water niet haalt? Al met al niet bevorderlijk voor vriend Esox. En wat is er nu op tegen om je gedurende een aantal weken in het jaar even niet met snoeken bezig te houden? We hebben immers ook een gesloten seizoen, ooit ontstaan om de vissen hun rust te gunnen tijdens het paaien. Dat de huidige gesloten tijd voor paaiende snoek niet of nauwelijks past is een ander verhaal, maar daarover ga ik niet. Laten we dus iets doen op het punt waar we zelf invloed kunnen uitoefenen; beslissen om wel of niet te gaan vissen als het warm is. Ook als de watertemperatuur nog niet zo hoog is, maar het bijvoorbeeld al wel tegen de 30 graden luchttemperatuur loopt, wordt het al tricky om een snoek bijvoorbeeld voor een fotosessie uit het water te halen. Eerlijkheidshalve moet ik erbij zeggen dat ik er ook minder moeite mee heb om bijvoorbeeld aan het einde van de zomer te snoeken, als het water nog aardig warm is, maar de luchttemperatuur alweer dalende is. Ik heb bijvoorbeeld wel dagen gevist met water van 22 graden terwijl ik zelf alweer in een lekkere fleecejas in de boot zat.
 

Zomer code voor snoekvissen

Omdat iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid in deze heeft en ik niet voor jou kan bepalen wat je gaat doen, heb ik wel een aantal suggesties voor “als het dan toch moet”. Ga je dus met warm weer en warmer water toch snoeken, houdt dan in elk geval met onderstaande rekening:
Gebruik geen licht materiaal, minimaal 15-20 lbs hengels en lijnen;
Dril stevig en zo kort mogelijk;
Onthaak zo snel mogelijk, als het kan in het water;
Zorg dat je onthaak- en kniptang bij de hand hebt en knip een haak direct door als het onthaken te lang gaat duren;
Maak zo snel mogelijk en zo min mogelijk foto’s, houdt de vis dus zo kort mogelijk uit het water;
Let er bij het terugzetten goed op dat je de snoek pas laat gaan als hij goed hersteld is en op eigen kracht kan weg zwemmen;
Als persoonlijke toevoeging heb ik nog de optie om zonder weerhaken te vissen, dat bevordert het vlot onthaken enorm. Zie mijn artikel hierover in “Snoekerijen nr. 114 van juni 2013.
Je kunt overwegen om een water thermometer aan een stevig koord mee te nemen om zodoende zelf ook de watertemperatuur op wat grotere diepte te kunnen bepalen. Zo ben je zeker van je zaak. Maar, nogmaals, je kunt ook de zekere weg kiezen en gewoon even niet gaan snoeken.
Een Zweedse zomer snoek in augustus, waterdiepte ca 2 meter, watertemperatuur ca 16 graden. Kerngezond en vol leven
Een Zweedse zomer snoek in augustus, waterdiepte ca 2 meter, watertemperatuur ca 16 graden. Kerngezond en vol leven

 

Deel deze pagina